Ik waardeer je

‘Ik waardeer je.’ Met die zin moedigt Actiz de medewerkers in verpleeghuizen vandaag aan. Als hart onder de riem naast alle negatieve geluiden die rond gaan in de actualiteit. Hebben we dat nodig? Nou misschien wel.

De zorg is een mooi vak. Ook de zorg die we bieden in verpleeghuizen. De liefdevolle zorg waar de politiek het graag over heeft, geeft een beetje een Florence Nightingale gevoel. Beetje te teder, gezien de dagelijkse realiteit. Zorgzaam zijn we natuurlijk wel, en een groot geduld is zeker een voordeel.

image

We mogen zorg leveren aan kwetsbare ouderen. Kwetsbaar in hun vermogen om zelfstandig te zijn. Kwetsbaar in hun naaktheid, in de broosheid, in de vergeetachtigheid. Ook kwetsbaar in het onbegrip, het niet begrijpen van de situatie en de omgeving waar ze zich in bevinden. Kwetsbaar in hun boosheid.

Op mijn afdeling met bewoners met dementie besef ik dat des te meer. Toevertrouwd aan jouw zorg, afhankelijk van handen van buitenaf. Dat vraagt om kwalitatief goede zorg, om liefdevolle zorg. Dat is zoveel meer dan alleen het volgen van protocollen, hoe waardevol ze ook zijn. Zoveel meer dan alleen het verschonen, de wisselligging en het omgaan met onbegrepen gedrag.

‘Ik waardeer je’ een mooie zin om vandaag te lezen op social media. Bedoeld voor medewerkers in de verpleeghuiszorg. Bedoeld als compliment, dus ik neem het dankbaar aan. ‘Ik waardeer je’ is ook een zin dat me aan het denken zet.

Kwaliteit en liefdevolle zorg kan niet zonder de waardering voor de ander. Naar de ander kijken en in die persoon een mens van waarde zien. ‘Ik waardeer je’ ook als je ‘mijn’ bewoner bent voor wie ik zorgen mag.

(Geschreven: 19 juli 2016 n.a.v. Actiz die de medewerkers een hart onder riem stak met de zin: ‘Ik waardeer je’)

Dwaalbos

Ze stonden beiden klaar bij de deur, de jas aan, van plan om te gaan wandelen. De zon scheen immers. Het grote probleem was alleen de gesloten deur. Bewoners van mijn groep, kunnen niet zelfstandig van de afdeling af. Dat is frustrerend, zelfs een heel groot balkon helpt niet altijd om ze af te leiden. Nou ja, vaak wel. Tijdschriften, een kop thee en zelfs aardappelen schillen doet wonderen.

‘Zou jij toch ook niet leuk vinden’ zei de ene tegen mij, terwijl ze haar jas maar uitdeed. Nee zou ik ook niet leuk vinden.  Ik legde haar uit dat ze anders misschien de weg zou kwijt raken. ‘Ik verdwaal echt niet…..’ Daar kauwde ik over na.

IMG_5764 (2)

Wat zou het mooi zijn als instellingen standaard een grote tuin hebben, waar je gewoon kan wandelen. Waar je ongestoord kan genieten van geuren en kleuren, waar je kan wroeten in de aarde als je daar zin in hebt. Een dwaalbos, waar je al dwalend niet kan verdwalen en toch buiten bent. Wie wil dat niet?

Ik wel. Als ik voel dat ik klem zit tussen afspraken en verplichtingen, als ik zoveel meer wil en dat niet lukt. Gewoon even ronddwalen. Mijn mijmeringen aan de bomen toevertrouwen en zeker weten dat het bij hen wél veilig is. Zo opgaan in de kleuren dat ik tijd vergeet, de vragen en de onrust even kan achterlaten. Op adem komen. Zonder afspraak, op ieder moment. Dwalen zonder te verdwalen, want dat kan in het dwaalbos dat ik voor ogen heb.

Dus niet alleen dat Houten huisje aan zee, nu ook nog een dwaalbos. Misschien toch tijd om mijn dromen in de kast te leggen. Misschien schiet ik teveel door. Dus maar weer terug naar de realiteit. Realiteit van alledaagse dingen, waar je op je eigen manier je plekje hebt. Een plekje in het hier en nu.

‘Zou jij toch ook niet leuk vinden?’ ze keek me ietwat verwijtend aan. Ik keek haar aan en kon alleen maar toegeven dat ze gelijk had. Ik kan overal dwalen, als ik mezelf de rust maar zou gunnen. Zo’n dwaalbos heb ik daarvoor niet nodig. Mijn bewoners, onze bewoners, gun ik het echter zoveel meer!

(Geschreven: 23 mei 2016. Inmiddels zijn de deuren niet meer dicht van de afdelingen en hebben bewoners geen dwaalbos, maar wel meer bewegingsvrijheid)

Werken in de zorg (of bij de bakker)

‘Waarom wil je in de zorg werken?’ vroeg mijn begeleider tijdens een stage. Ik zei meteen:’omdat ik graag met mensen wil omgaan!’ Ik had beter wat langer kunnen nadenken, want mijn begeleider antwoordde direct: ‘ Dan kan je net zo goed bij de bakker achter de toonbank gaan staan.’

Ik heb het altijd onthouden. Het is een vraag geworden die ik zelf ook wel eens stel aan stagiaires. ‘Waarom wil je werken in de zorg?’

Mijn kinderen vragen het zich ook af. Als ze wel eens meegaan naar mijn werk, kijkt het ene kind de ogen uit, de ander vindt het maar vreemd en eng. Bewoners die steeds weer hetzelfde aan je vragen, die je aanraken, die amper kunnen praten, of bewoners die niet begrijpen waarom ze hier zijn. Verhalen over wonden, ontlasting en vage ziekten, zijn ‘not done ‘ volgens de meerderheid hier in huis. ‘Waarom wil jij werken in de zorg?’

Vandaag had ik een vroege dienst. We hielpen een bewoner. Puur afhankelijk van andere handen. Geen besef van tijd, geen lijn in de verhalen, geen mogelijkheid om de stappen zelf te zetten. Samen met een collega verzorgden we haar. ‘Wat moeten ze toch zonder ons?’ zei ze, zonder dat er sprake was van vragen om een schouderklop. Gewoon dat gevoel uitsprekend dat je wel eens overvalt als je de hulpeloosheid aantreft.

‘Zonder ons, moeten de kinderen zorgen’ zei ik. ‘Als die er dan niet zijn?’ vroeg mijn collega, ineens heel serieus. ‘Tja, dan zijn de buren aan de beurt’ zei ik maar. We zorgden samen verder.

Juist in het kwetsbare, wil ik zorgen. Waar lijden is, waar leven broos is en gebroken en waar gedachten vervagen. Waar de vragen zijn, de pijn, de twijfel, de kleinheid zomaar bovenkomt. Dat kan op heel veel manieren en op heel veel gebieden. Ik ben blij dag ik dat vorm mag geven in de zorg….en niet bij de bakker. Hoe leuk dat misschien ook is.

Ik pak haar hand, ik strijk de lakens glad. Het is eigenlijk niet de vraag waarom je wil werken in de zorg. Mijn vraag zou zijn: ‘Waarom niet?’

(Geschreven: 15 maart 2016)

Zinloos werk?

Terwijl ik naast zijn bed zit, kom met vla in mijn hand, overvalt me ineens die vraag: ‘ Is mijn werk zinloos?’

Hij spreekt nog amper, soms een klank, soms een woord. Hij zit soms in zijn rolstoel, maar meestal ligt hij in zijn bed. Wisselligging, eten geven, wassen op bed. Als het kan, gaat hij onder de douche. Daar geniet hij zichtbaar van.

Ik aai zijn wang, ik masseer zijn dunne handen. Smeer een geurtje in zijn hals, dat ruikt lekker. Nu zit ik hier, kom met vla in mijn handen. Elke keer als ik de lepel naar zijn mond breng, gaat zijn mond haast automatisch open.

‘Als ik zo oud moet worden, hoeft het van mij niet meer. Wat voor zin heeft dit?’ een opmerking die je wel eens hoort. Ik hoor ze ook wel eens van bezoek, dat machteloos bij een bed staat. Ergens begrijp ik die opmerking wel, en toch…

Hier ligt iemand met een verleden. Actief betrokken geweest bij zijn gezin en bij zijn werk. Zwart-wit foto’s tonen beelden uit een verleden, waarin het allemaal niet zo wazig was. Beelden van personen die betrokken waren bij elkaar en die niet stilstonden bij een toekomst van flarden van gedachten en staren naar het raam.

Bewoners zijn meer dan wat het hier en nu ons vertelt. Het verleden dat zij zijn vergeten, breng je dagelijks tot leven. Door alledaagse dingen, door het eten en het drinken. Door het geurtje in de hals, door het kammen van het haar. Door muziek en door verhalen. Door het vasthouden van een hand en door het noemen van hun naam.

Doe ik zinloos werk? Ik vroeg het me ineens af. Zo ervaar ik dat niet. Ik wist het antwoord ook eigenlijk wel.

(Geschreven: 19 januari 2016)

Poep en zo

Poep ruikt niet lekker.
Misschien een open deur, maar wil het graag even kwijt. Waarom? Omdat ik het gemopper op de zorg, en met name de verpleeghuiszorg, zo zat ben. Dat in het wilde weg roepen dat bewoners geen maaltijd krijgen, nooit gewassen worden én de hele dag in hun eigen poep liggen.
Dat laatste vind ik onvoorstelbaar. Misstanden in de zorg zijn er. Op veel plekken is te weinig personeel, maar mensen een dag in hun eigen ontlasting laten liggen, dat kan ik me niet voorstellen.

Het raakt me dat mensen dat beeld hebben.
Ik zie mijn collega’s hard werken, met hart voor de zorg voor hun bewoners. We willen niets liever dan dat de bewoners het naar de zin hebben. En dat is een hele uitdaging op een groep met bewoners met dementie. Bewoners die volledig afhankelijk zijn van onze zorg. Waar ze al zoveel van zichzelf kwijt zijn, proberen we iets van eigenwaarde voor hen te behouden. Dat kan door kleine dingen. Je laat ze de was vouwen of de aardappels schillen. Make-up aanbrengen, omdat ze dat gewend waren. Je zorgt ervoor dat ze schone kleren aanhebben, je maakt de nagels schoon. Je verschoont ze als ze onder de ontlasting zitten.

Je zult altijd zien dat je die ene bewoner net met de tillift uit bed hebt gehaald en in de stoel hebt gezet. Eindelijk achter de kop koffie en dan ruik je ineens wat. Toch ga je weer met de tillift aan het werk, van de stoel weer in bed. Natuurlijk krijgt mevrouw een schoon incontinentiebroekje (wij spreken niet van luiers) aan. Natuurlijk!

Zorg is niet alleen verschonen, gelukkig niet. Tussendoor heb je tal van mooie momenten. Vorige week probeerde ik het kunstgebit bij een bewoonster in te doen. Hij zat er niet goed in, zeg maar scheef. Daar moesten we samen om lachen. Na de tweede poging, pakte ze me ineens vast. Voor ik het wist kreeg ik een dikke zoen op mijn wang. Of dat gesprek met de ander, waarin flarden van verleden naar boven worden gebracht. Het compliment voor de gekookte aardappelen en de slabonen. De hand in mijn hand, zomaar.

Zorgen is mooi, als je naast de afhankelijkheid van mensen, dat ook hun gedrag kan bepalen, een mooi mens kan ontdekken. Een uniek mens, met zijn eigen levensverhaal.

Ik kan me niet voorstellen dat er plekken in Nederland zijn waar bewoners die zorg niet krijgen. Waar niet dagelijks een warme maaltijd wordt gegeven, verschoning als dat nodig is, aandacht. Kan dat? Vreselijk! Ik zou er niet kunnen werken. Ik baal en ik schaam me als er weer negatieve geluiden zijn over de zorg. Het doet zo tekort aan het mooie vak dat verplegen en verzorgen is. Een vak waar ik trots op ben!

Zorgen voor mensen is meer dan poep en zo…(wat vaak gezegd wordt) Zorgen doe je met je handen én met je hart. Ga maar eens koffiedrinken bij een verzorgingstehuis of verpleeghuis bij jou in de buurt. Meld je aan als vrijwilliger! Maak een praatje, doe een schaakspel, ga wandelen buiten met een bewoner. Kijk, en kijk je ogen uit!

(Blog geschreven 22 mei 2015. Het was een reactie op alle negatieve geluiden over de zorg in het verpleeghuis. Deze blog is veelvuldig gelezen en riep ook reacties op!)

Dag van de verpleging (overpeinzing in de nacht)

Klamme hand in mijn hand.
Broos lichaam tussen de witte lakens.
Onregelmatige ademhaling, ik merk het op als ik naast je zit.
Lippen vochtig gemaakt met een klein sponsje, drinken gaat niet meer.

Stilte om ons heen.
Donker met een klein licht van de schemerlamp.
Stilte, jouw fronsen en jouw zwijgen.
Wat gaat er door je heen?

Wie ben ik dat ik naast je mag zitten?
Zo dichtbij.
Op de grens van het leven, op het randje van de dood.

Tijd om bij je te zitten,
om er voor je te zijn.
Om er te zijn voor de anderen,
die vragen om een glas water,
even praten, lopen naar het toilet
verzachting van de pijn
ik mag er voor ze zijn

Ik kom bij jou terug
de stoel is vrij naast jouw bed.

Vandaag is het de dag van de verpleging.
zorgmedewerkers worden in het zonnetje gezet
Waar vaak geen tijd meer is, geen ruimte voor aandacht
Wisselligging, verschonen en snel weer door
Wel aandacht en tijd willen geven, maar de bel gaat alweer.

Terwijl ik naast je zit
jouw klamme hand in mijn hand
besef ik des te meer wat een mooie baan dit is.

(Deze blog schreef ik 12 mei 2014. Ik werkte toen nog in het Hospice.)

Rondje om de zorg

Mijn blog over de zorg begin ik, omdat ik trots ben op mijn vak. Op mijn blog die ik al vijf jaar bijhoud, schrijf ik over van alles. Over mijn gezin, geloof, mijn gedachten en dromen. Geregeld schreef ik ook over mijn werk, als verpleegkundige. Over de pareltjes die ik daarin ontdek.

Momenteel werk ik als verpleegkundige in een verpleeghuis. Ik werk vooral op een groep met bewoners met dementie.

In het kwetsbare zie ik zoveel wat waardevol is. Ik geniet van mooie momenten en vorm ze graag om in verhalen.

De zorg staat vaak negatief in het nieuws. Niet alleen de buitenwereld heeft een oordeel, maar vaak ook de beroepsgroep zelf. Terecht soms, maar het raakt me ook. Het is wel mijn mooie beroep en wat ben ik er trots op dat ik dit werk mag doen.

Ik heb besloten om voor mijn werk in de zorg een aparte blog bij te houden. Ik zal de blogs die op mijn vorige blog staan en over de zorg gaan hier ook op plaatsen. Vervolgens hoop ik je mee te nemen door de wandelgangen van de zorg.

Een rondje om de zorg!